Kinda racist

Over obers, ongepaste grappen en cola van Pepsi.

Het is een advertentie die me twee jaar geleden niet eens was opgevallen. In een tijdschrift staat een glossy foto van twee prachtige benen, verleidelijk over elkaar geslagen in een hangmat. In de verte komt een ober aanlopen, dienstbare glimlach, cocktail op zijn dienblad.

De benen zijn wit. De ober is zwart.

Ik word hoe ouder hoe voorzichtiger. Tot niet zo heel lang geleden was ik van de school: botte grap, goede grap. Niets is heilig, geen grap te bont, geen onderwerp taboe. Maar hier pas ik goed op wat ik zeg. Je zal wel moeten.

Want echt alles hier wordt teruggebracht tot een rassenkwestie, zo lijkt het. Als ik uit eten ben in een chic sterrenrestaurant schuifelt mijn date ongemakkelijk heen en weer. “Zo awkward als het bedienend personeel volledig uit Latino’s bestaat.” Goh, inderdaad, nu je het zegt.

Hetzelfde verhaal bij de uitreiking van de Oscars. Een vriend hoopt dat de prijs voor de beste film in elk geval niet naar La La Land zou gaan. “Die film is racistisch. Of op zijn minst racially insensitive.” Vier jaar terug zou ik hem hebben weggehoond – echt, lul niet zo slap vent. Maar nu legt hij het uit op zo’n manier dat ik er wel in kan komen: waarom moet een witte vent zich opwerpen als zelfbenoemd redder van de zwarte jazzmuziek?

Nog zoiets: reality- en Instagram-sterretje Kendall Jenner krijgt afgelopen week de hoon van de wereld over haar heen omdat een vrolijk protest in een Pepsi-reclame een vrij ongemakkelijke gelijkenis vertoonde met de Black Lives Matter-demonstraties. Wit bakvisje Kendall weet in het spotje de goede vrede met de politie te bewaren door een agent een blikje cola aan te bieden, waarop – jubelt! – de demonstratie een euforische climax bereikt. De boodschap: wit en zwart, politie en burgers, we zijn allemaal één en zo. Cola verbroedert, who knew right?!
“Als mijn vader dát had geweten”, twittert de dochter van Martin Luther King. Pepsi weet niet hoe snel het de reclame terug moest trekken en biedt snel excuses aan aan de wereld in het algemeen en Kendall Jenner in het bijzonder. Het arme schaap had zich er nog wel zo op verheugd om in de voetsporen te treden van supermodellen die vóór haar in Pepsi-reclames speelden. Nu wordt ze door paparazzi belaagd. Heel sneu en alles.

Even wennen dus. Tot ergens midden in mijn studententijd liet ik geen gelegenheid ongebruikt om een keiharde racistische grap te maken. Moet toch gewoon allemaal kunnen…? Vrijheid van meningsuiting, bladiebla. Sinds een aantal jaar – en al helemaal hier – is de tendens: houd rekening met gevoeligheden. Dat probeer ik dan ook – maar wat zijn die Amerikaanse tenen láng. (En daar mag ik graag op stappen door af en toe tóch de botte Hollander uit te hangen. Loop je langs een Chinees restaurant: “Don’t you just love the smell of ethnic food?!” Vrienden weten niet hoe snel ze me de mond moeten snoeren, angstig om zich heen kijkend of iemand me heeft gehoord. Genieten.)

En zo vind ik mijzelf – zoals wel vaker – terug in een grijs en seksloos midden tussen twee heerlijk schreeuwbare uitersten in. De ene kant beschuldigt alles en iedereen van racisme, de andere kant noemt goede manieren een zelfopgelegde censuur, een teken van doorgeslagen PC oftewel politieke correctheid. En hoe harder ze schreeuwen, hoe slechter ze elkaar verstaan. Maar in het midden ben ik niet veilig voor de labels van de flanken. Dus ben ik voor veel Amerikanen een beetje politiek correct en een beetje racistisch tegelijkertijd. Kinda PC, kinda racist.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *