Ik overleefde de Toppers in Concert 2014

Over meisjes op de heren-wc, geluk in sleurhuwelijken en het onvermogen om te genieten.

“Jij raadt nooit”, app ik Lotte op zaterdagavond, “waar ik nu ben”.
“Park am See zeker? Ik ook Giel! Waar sta je?!”

Ik ben niet bij Park am See. Ik sta in de Amsterdam ArenA. Ik sta tussen 68 duizend anderen met een halve liter festivalbier in de hand. Ik sta mee te zingen met drie heren van middelbare leeftijd in een glitterpak.

“Ik ben bij de toppers.”
Ze stuurt me een berichtje met drie smileys: eentje huilt, eentje kijkt heel boos en de derde lijkt te kotsen. Daarna vraagt ze:  “Waarom?”
“Mijn collega had een kaartje over”, wat technisch gezien geen leugen is. Maar toen Fons mij drie weken geleden vroeg of ik het leuk vond om mee te gaan naar de Toppers omdat een vriend had afgezegd, was de beslissing binnen de seconde gemaakt. Holy shit, ja, dat wil ik meemaken. Hij had enthousiast gereageerd toen ik instemde: “’t Wordt echt keileuk!”

We ontmoeten de rest van onze crew – drie homo’s en een prettig hysterisch meisje – bij ingang noord A en we wisselen gadgets uit. Dat is deel van de voorpret, weet ik van alle dispuutsfeesten en gala’s die ik in Groningen heb afgewerkt. Ondertussen vergaap ik mij aan hoeveel lelijks er voorbij komt lopen. “Heerlijk toch?!” aldus de dame van ons gezelschap. “Steken wij er lekker mooi bij af!” Niet onwaar.

We lopen de ArenA in en ik denk dat ik stik. Er hangen enorme tulpen tussen een al even aanwezige Nederlandse vlag en een podium van Delfts blauwe blokken en er is een gigantische molen. Die begint ineens glittertjes te spuiten en op het dak van de molen verschijnen drie mannen – ook in glitterpakken – en de avond begint. Snel doe ik mijn oordoppen in en probeer ik de knop om te zetten. Laat het gewoon gebeuren.

Halverwege de avond trilt mijn telefoon weer. Lotte. “Hoe is het?”

Ja, hoe is het? Ik heb teveel indrukken opgedaan om in twee, drie woorden samen te vatten wat ik hiervan vind. In twee-en-een-half uur heb ik kippenvel gehad (een stadion dat ‘Laat me’ van Ramses Shaffy zingt), ik heb gehuild van de pret (verrassingsact Frans Bauer die opent met de gouden woorden De wereld is een gekkenhuis en dit is het hoofdkantoor), ik heb gewalgd (van het meisje dat gebruik maakte van het urinoir naast mij en mij vroeg of ik het ook zo leuk vond) maar boven alles heb ik mij verbaasd en verwonderd. Over de enorme hoeveelheid mensen, de verscheidenheid in mensen ook: plat, studenten, homo’s, Brabanders.

“Overweldigend”, app ik terug.

Het is mijn feest niet. Ik zing wel liedjes mee en heb wel pret, absoluut, maar toch voelt het alsof ik op safari ben. Het gewoon-laten-gebeuren-plan is faliekant mislukt, het blijft alsof ik meta-journalistiek boven de massa zweef, alsof ik meer observeer dan participeer. Belangrijkste vraag: vinden mensen dit echt leuk? De vrijgezellenfeestgangers met bijnamen op hun shirts, het dikke echtpaar achter ons dat niet loskomt van hun klapstoeltjes, het groepje shagrokende bouwvakkers uit Putten. Hebben zij het naar de zin?

Gadverdamme, kutsnob dat ik er ben. Misschien heeft dat echtpaar dat achter mij onderuitgezakt en emotieloos meezingt het wel tien keer leuker dan ik. Wie ben ik om daarover te oordelen? En toch stel ik mij hun reis voor terug naar Budel of Vlaardingen:
“En, schat, hoe vond je het?”
“Heerlijk lief, dankjewel, echt een leuk kado.”
“Tuurlijk schat, je bent maar één keer vijfentwintig jaar getrouwd, zeg ik altijd maar.”

Een polonaise die achter mij langsgaat onderbreekt mij in mijn gepeins. En pas als Fons een arm om mij heenslaat en we samen meeschreeuwen met een Marco Borsato-medley ben ik voor een fractie van het concert geen zeikerd, maar gewoon één van de duizenden malloten in een outfit die meedoet aan een folkloristisch karaoke-feest.

Een uurtje later fietsen we naar huis. Ik ben leeg, maar Fons is nog steeds lyrisch: “Ik vond het echt keileuk, wat jij?”
“Ja.”
“Volgend jaar weer?”

Nee.

2 thoughts on “Ik overleefde de Toppers in Concert 2014”

Laat een reactie achter op Elise Krijgsman Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *